Wees aandachtig en doortastend

NRC Handelsblad
Marjoleine Vos

Wat heeft het leven je geleerd? Die vraag stelde Rob Riemen, directeur van de cultuurfilosofische denktank Nexus Instituut aan oudere vrienden – musici, geleerden, schrijvers, wetenschappelijk onderzoekers en filosofen van naam – en aan zijn vader.

In zijn inleiding schrijft Riemen dat zijn moeder op het eind van haar leven tegen haar kleinkinderen zei dat zij gestudeerd had aan ‘de universiteit van het leven’. Dat is de titel van dit boek geworden. De universiteit van het leven laar iemand studeren en lezen, maar geeft hem of haar vooral van alles te leren dat in geen studiezaal opgedaan kan worden.

 

Naar dat soort ervaringen vraagt Riemen de geïnterviewden, die logischerwijs allemaal boven de zestig zijn en sommigen nog een flink stuk ouder. Het zijn musici als Jordi Savall, Bernard Haitink of David Dubal, uitgevers als Peter Mayer en Andreas Landshoff, de neurowetenschapper Antonio Damasio, historicus Simon Schama. Het merendeel is man en westers, opmerkelijk veel geïnterviewden zijn Joods, opmerkelijk veel wonen, meestal ten gevolge van de Tweede Wereldoorlog, niet meer in het land waar hun ouders en/of zijzelf vandaan komen.

 

Beschaafd
Dat heeft ze gevormd natuurlijk, en het geeft de lezer ook wel te denken over het eigen leven waarin de dingen over het algemeen veel gemakkelijker zijn verlopen. Het verleent ook een extra gewicht aan hun over het algemeen zo humanistische en beschaafde opvattingen. ‘Beschaafd’ klinkt geloof ik niet meer zo als een aanbeveling, maar dat is het natuurlijk wel. Mensen die zich fatsoenlijk gedragen, menige geïnterviewde wijst op het belang daarvan, die een gesprek kunnen voeren en naar iemand kunnen luisteren, maken de wereld een stuk leefbaarder. Het kwaad is er niet mee uitgeroeid, dat valt niet uit te roeien, maar de waarde van het leven komt wel meer tot zijn recht.

 

Het is opmerkelijk hoeveel overeenkomsten de geïnterviewden hebben in hun opvattingen. Dat zal ook wel komen door het soort mensen: mensen die iets te weten willen komen over wat het betekent mens te zijn, bijna allemaal met een hartstocht voor kunst, muziek, literatuur, filosofie.

 

Interessant is bijvoorbeeld de opvatting van verschillende van de geïnterviewden dat kunst niet democratisch moet zijn. Uiteraard moet iedereen naar een museum of een concert kunnen en daar liefst ook kunnen genieten van het gebodene. Daar schort het wel aan, onder meer door gebrek aan scholing en door het zichzelf isolerende karakter van de kunstelites. Maar de waarde van kunst moet niet bepaald worden op democratische basis. Philippe de Montebello, van 1977 tot 2008 directeur van The Metropolitan Museum of Art in New York, zegt het, gambist en dirigent Jordi Savall zegt het en dirigent Bernard Haitink zegt het onomwonden: ‘Muziek is een elitaire kunst’, en dat is niet negatief bedoeld.

 

Hogere sfeer
De Montebello realiseert zich heel goed dat als de grote musea zouden afbranden en alle kunst erin verloren zou gaan, ‘nog geen tiende van een procent van het hele aardoppervlak daar iets van zou merken’. Maar dat maakt de kunst nog niet waardeloos. Die geeft toegang tot een ‘hogere sfeer’ die voor mensen, anders dan voor dieren, nu juist wél is weggelegd. Geen wonder dat menig geïnterviewde het belang van aandacht, van enthousiasme, van inzet en doorzettingsvermogen aanprijst.

 

Sommige geïnterviewden zijn boeiender sprekers dan anderen: de pianist David Dubal is een verrukkelijke verteller, de Jordaanse prins El Hassan is juist nogal stijfjes, hoe bewonderenswaardig zijn leven en streven ook is. Hier en daar had er nog best wat meer geschaafd mogen worden aan de interviewteksten, aarzelingen en hernemingen leveren weinig extra’s op.

 

Maar voor wie zich wil laten inspireren tot nadenken biedt De universiteit van het leven ruim voldoende, zeer behartenswaardige stof.